|
Vergadering van het plaatselijk bestuur van
Appingedam van 25 juni 1835. …
Voorts zijn gelezen en onderzocht de staten van de huiszittende armen der
Roomsch Katholieke en Israëlitische Gemeenten te Appingedam alsmede die van de
Hervormde Gemeenten van Opwierde en Solwert (Solwert is doorgehaald) Marsum bij
welke diakenen een tekort bestaat en die overzulks een subsidie van de
burgelijke gemeente aanvragen gehoort de diakenen van de vier gemelde gemeenten
en gezien de door dezelve overgelegde stukken betrekkelijk den staat hunner
respectieve diakenien.
Is goed gevonden gemelde stukken met de door de diakenen voorgelegde boeken te
stellen in handen van een commissie uit den vergadering, tot welke commissie
door den heer burgemeester zijn benoemd de heeren B. Knijpenga en J.G. van den
Broek, met verzoek om deswege zoo spoedig mogelijk aan deze vergadering te
rapporteren.
Vergadering van het plaatselijk bestuur van Appingedam van 15 augustus 1835.
…
Hierna word de heeren Knijpenga en van den Broek schriftelijk rapport gedaan
betrekkelijk het gedaan onderzoek nopens den staat van het armenwezen van
sommige diakekenien welk rapport aldus luidt
…
Israelitische Gemeente.
a. Na vergelijking van de staten der overige diakenien, is het de commissie
voorgekomen, dat er eene bezuiniging behoort plaats te hebben in de bedeeling
van turf en Paaschbrood hetwelk hoog is voorgekomen; terwijl zoo het laatste uit
een beginsel van Godsdienst geschied, de kosten daarvan niet behoort te komen
ten laste van de armenfondsen als welke thans geheel burgerlijk zijn.
b. Onder de uitgaven werdt gevonden eene som van ƒ 13,,35 wegens gelden
verstrekt aan reizenden. De commissie vermeent dat den uitgaven behooren aaan de
administratie van den onderstand ingevolge art 13 Letter d van het reglement op
het armenwezen.
c. Er wordt in uitgave gebracht eene som van ƒ 80,,61 ½ voor huishuren van
gealimenteerden welke wonen in huizen die aan de armenverzorgers toe behoren. De
commissie is van oordeel dat die som niet in uitgave kan worden geleden.
Overigens wordt aangemerkt, dat de administratie van Israelitisch armenwezen in
een slechten en verwarden staat zich thans bevindt, waaruit noch de wezenlijke
ontvangsten, noch de uitgaven met enige zekerheid kunnen worden nagegaan zoodat
de commissie deswege geene nadere inlichtingen omtrent deze gemeente kan geven.
…
2o Dat uit hoofde van de gemaakte aanmerkingen, aan de Israelitische Gemeente en
aan de Hervormde Gemeenten van Opwierda en Marsum mede geen subsidie vooralsnog
behoort te worden geven.
Waarover zijnde gedelibeerd
Is goed gevonden zich met het gedane rapport te vereenigen en voorts besloten om
extracten van hetzelve aan de daarbij geconcerneerde diakenen te doen toekomen
tot informatie en narigt respectivelijk.
Vergadering van het plaatselijk bestuur van Appingedam op 12 maart 1842
6. een adres van de Armverzorgers der Israelitsche Gemeente alhier, daarbij
verzoekende om ten behoeve van Philip Arons Goldsmid en zijne vrouw wekelijks te
willen doen verstrekken een gulden en vijftig door welke tegemoetkoming de
rekwestranten zich vleijen in de behoeften hunner armen te zullen kunnen
voorzien.
Waarover zijnde gedelibereerd.
Is goed gevonden en verstaan aan de rekwestranten te kennen te geven zoo als
hierbij geschied bij dezen dat aan hun verzoek om der gevolgen wille geen gevolg
kan worden gegeven.
En zal extract dezes aan de rekwestranten worden toegezonden tot dispositie op
hun adres.
Naar de hoofdpagina Nederlandse Kring Joodse genealogie
|